Neurologische beperkingen kunnen herinneringen vervalsen / Maarten Peters
Maarten Peters is forensisch (neuro)psycholoog en werkt momentaal aan de Universiteit Maastricht voor de Capaciteitsgroep Experimentele Klinische Psychologie, Sectie Forensische Psychologie.
Hij doet onder ander onderzoek naar forensische neuropsychologie, naar antecedenten en consequenties van geheugenvormingen bij stoornissen en hersenletsel en naar pseudo-herinneringen.
Daarnaast is hij werkzaam als forensisch onderzoeker psychologie bij het Maastricht Forensisch Instituut.
Sommige mensen lijden aan een misleidend geheugen. Het geheugen wordt vaak vergeleken met een computer, waarin herinneringen worden opgeslagen en opgeroepen. Deze metafoor wordt vaak gebruikt, is verleidelijk, maar in realiteit onjuist.
Een herinnering wordt niet als een geheel opgeslagen in de hersenen, maar in allerlei kleine stukjes, die ook in verschillende delen van de hersenen terechtkomen. De visuele aspecten van een herinnering zitten ergens anders dan de auditieve.
Herinneren is daarom reconstrueren. Een betere metafoor dan de computer is de paleontoloog die zich aan de hand van talloze botjes probeert voor te stellen hoe een dinosaurus eruit heeft gezien.
Bij deze reconstructie kan uiteraard veel misgaan. Niet alleen zijn herinneringen vaak vertekend, ook herinneren mensen zich soms dingen die helemaal niet gebeurd zijn. Het spectaculairste voorbeeld daarvan zijn de ‘hervonden herinneringen’ van seksueel misbruik.
Door kleine neurologische beperkingen zijn sommige mensen extra vatbaar voor vertekening en pseudo-herinnering, concludeert Peters in zijn doctoraal proefschrift.
Zeker in de rechtszaal kunnen zulke kleine afwijkingen grote gevolgen hebben. Onbetrouwbare getuigenverklaringen kunnen ertoe leiden dat mensen ten onrechte worden veroordeeld of vrijgesproken. Ook rechercheurs zouden er veel meer op bedacht moeten zijn dat de herinneringen van sommige mensen worden beïnvloed door neurologische beperkingen.
Hij doet onder ander onderzoek naar forensische neuropsychologie, naar antecedenten en consequenties van geheugenvormingen bij stoornissen en hersenletsel en naar pseudo-herinneringen.
Daarnaast is hij werkzaam als forensisch onderzoeker psychologie bij het Maastricht Forensisch Instituut.
Sommige mensen lijden aan een misleidend geheugen. Het geheugen wordt vaak vergeleken met een computer, waarin herinneringen worden opgeslagen en opgeroepen. Deze metafoor wordt vaak gebruikt, is verleidelijk, maar in realiteit onjuist.
Een herinnering wordt niet als een geheel opgeslagen in de hersenen, maar in allerlei kleine stukjes, die ook in verschillende delen van de hersenen terechtkomen. De visuele aspecten van een herinnering zitten ergens anders dan de auditieve.
Herinneren is daarom reconstrueren. Een betere metafoor dan de computer is de paleontoloog die zich aan de hand van talloze botjes probeert voor te stellen hoe een dinosaurus eruit heeft gezien.
Bij deze reconstructie kan uiteraard veel misgaan. Niet alleen zijn herinneringen vaak vertekend, ook herinneren mensen zich soms dingen die helemaal niet gebeurd zijn. Het spectaculairste voorbeeld daarvan zijn de ‘hervonden herinneringen’ van seksueel misbruik.
Door kleine neurologische beperkingen zijn sommige mensen extra vatbaar voor vertekening en pseudo-herinnering, concludeert Peters in zijn doctoraal proefschrift.
Zeker in de rechtszaal kunnen zulke kleine afwijkingen grote gevolgen hebben. Onbetrouwbare getuigenverklaringen kunnen ertoe leiden dat mensen ten onrechte worden veroordeeld of vrijgesproken. Ook rechercheurs zouden er veel meer op bedacht moeten zijn dat de herinneringen van sommige mensen worden beïnvloed door neurologische beperkingen.

